tsjechoslowaakse-wolfhond-yuriko-2-768x746
Tsjechoslowaakse wolfhond Yuriko
tsjechoslowaakse wolfhond
Tsjechoslowaakse wolfhond Yuriko
fontana-zwarte-wolfhond-768x951
Wolfhond Fontana
IMG_0807-768x817
Wolfhond Fontana
amerikaanse wolfhond
Wolfhond Marshall (4 maanden)
Wolfhond Marshall (5 maanden)

Tekst: Judith Visser
Foto’s: Judith Visser

“Is het een wolf?”
“Is het een hond?”
“Ik wil er ook één!”
Vooral deze laatste opmerking hoor ik vaak. Helaas kijken veel mensen die graag een ‘wolfje’ in hun leven willen, niet verder dan het uiterlijk van deze dieren. Ze beseffen niet wat er allemaal bij komt kijken wanneer je daadwerkelijk met een wolfhond samenleeft. Een wolfhond is namelijk geen huisdier maar een levensstijl: je moet bereid zijn je leven er volledig op aan te passen. Een wolfhond is allesbehalve een ‘standaard’ hond.
Hieronder een overzichtelijke greep uit de vele vragen/opmerkingen die ik krijg, aangevuld met een stukje uitleg. Neem a.u.b. de tijd om alles te lezen!

Ik wil echt heel graag een wolfshond!
Het is wolfhond, zonder s. Je kunt denken: wat maakt 1 zo’n lettertje nou voor verschil? Nou, heel veel! Een wolfhond en een wolfShond zijn twee TOTAAL VERSCHILLENDE SOORTEN. Een wolfhond is van oorsprong een kruising tussen een wolf (in Yuriko’s geval een Karpatenwolf) en een hond. In sommige lijnen betreft het een kruising van tientallen jaren geleden, in andere lijnen heeft de kruising meer recent plaatsgevonden. Een wolfShond (met s, bijv de Ierse wolfshond) werd van oorsprong gefokt om op wolven te JAGEN, dat is dus iets compleet anders! Vandaar dat de Ierse wolfshond in het Engels Irish wolfhound heet, “hound” duidt op jagen.

In ELKE hond zit toch wolvenbloed?
Klopt natuurlijk helemaal, elke hond stamt af van de wolf, zelfs een poedel of een teckel. Maar het is nogal een verschil of er sindsdien honderd duizenden (!) jaren zijn verstreken (de ‘gewone’ hond leeft immers al eeuwen met de mens samen, en zelfs een husky is dus absoluut geen wolfhond) of slechts enkele generaties.
Het percentage wolvenbloed in een wolfhond is grofweg onder te brengen in drie categorieen:
Low content (10-50%)
Mid content (50-85%)
High content (85-99%)
Tegenwoordig bestaan er ook ‘no content’ wolfhonden, deze worden ‘wolfdog look-a-likes’ genoemd omdat ze er wel op lijken maar weinig tot geen daadwerkelijk wolvenbloed bevatten. Een voorbeeld hiervan is de Tamaskan, een prachtige hond die gemiddeld tussen de nul en tien procent zit.
**Update april 2020: tegenwoordig zijn er ook Tamaskans met een hoger wolfpercentage. Vraag er altijd naar bij de fokker, zodat je weet waar je aan begint!**

Hoe ontstaan die verschillende percentages? Heel simpel. Bij de eerste generatie spreken we van een hybride: bijvoorbeeld als de vader puur hond is en de moeder puur wolf.  Grofweg gezien kun je dan stellen dat de pups  uit die paring 50% content ( = 50% wolvenbloed) hebben. Kruis je er dan opnieuw wolf in, dan krijg je al meer content (grofweg 75%). Kruis je er echter opnieuw HOND in, dan krijg je een lager percentage. Enz.
De Tsjechoslowaakse wolfhond is qua content een redelijk stabiel ras omdat men, toen de 30% bereikt werd, alleen nog maar fokte met pure Tsjechen (dus wolfhond x wolfhond, en niet wolf x hond) om zo het percentage consequent te houden.
Vanaf de vijfde generatie (dit noemt men F5) is het toegestaan het dier als ‘huisdier’ te houden. Alles daarboven leeft in dierentuinen.

Ik las ergens dat een Tsjechoslowaakse wolfhond en een Saarloos wolfhond eigenlijk gewoon Duitse herders zijn die eruitzien en zich gedragen als wolven. Klopt dat?
Nee, dat klopt absoluut niet. Ze zijn inderdaad ontstaan uit een kruising van Duitse herder met wolf, en worden nu als “hond” gezien, maar wat je niet moet vergeten is dat DNA-onderzoek bij een daadwerkelijke Duitse herder NUL procent wolf zal aantonen, en bij een Tsjechoslowaakse wolfhond of Saarlooswolfhond gemiddeld DERTIG procent. Dat is een aanzienlijk verschil! Ze zijn dus zeker geen Duitse herders! De Duitse herder is 100% hond, terwijl de Tsjech of Saarloos grofweg 2/3 hond en 1/3 wolf is. 
Helaas blijken zelfs wolvenkenners als Jan Loos dit verschil niet goed te begrijpen. Bovendien: een Duitse herder die “eruitziet en zich gedraag als een wolf” is dus blijkbaar geen Duitse herder, en hierdoor spreekt de bewering zichzelf ook al meteen tegen.

Je kunt het ook zo zien: een Tsjeschoslowaakse wolfhond is 70% Duitse herder en 30% wolf. Waarom (!) zou je dan beweren dat ze 100% Duitse herder zijn? Juist door die 30% wolf is het echt andere koek. En juist daarom noemen we het WOLFhond en niet “Duitse herder”. 

Wat ga je daar lang over door, zeg. 
Ja, en dat doe ik omdat het VEEL TE VAAK voorkomt dat mensen een wolfhond in huis nemen omdat ze gehoord hebben dat dit hetzelfde is als een Duitse herder. En er vervolgens totaal  niet mee om kunnen gaan… Weet waar je aan begint, dat voorkomt zoveel dierenleed! Een wolfhond is een geheel eigen soort, die het ook verdient om op die manier behandeld te worden. Begrip (!), wederzijds respect en wederzijds vertrouwen, daar gaat het om. En onvoorwaardelijke liefde, natuurlijk. 

(Overigens: ik vind Duitse herders geweldig! Ik kies bewust voor wolfhonden met Duitse herder in hun bloed. Maar dat is hier niet het punt!)

Maar is het dan een wolf? Of een hond? 
Ze zijn het allebei. Een stukje wolf, een (groter) stukje hond. Vandaar de naam: wolfhond.  

Mensen schijnen 17% Neanderthaler-DNA in hun bloed te hebben. Zijn wij dan ook deels Neanderthaler? 
Nee… en dan kom ik weer terug op het verschil tussen EEUWEN die sindsdien verstreken zijn (in het geval van de mens), of slechts een handjevol GENERATIES (in het geval van de wolfhond). 

Yuriko luistert zo goed, zoiets wil ik ook!
Haha. Dat Yuriko ‘zo goed luistert’ is het resultaat van een zeer intensieve training die begon toen ze 7 weken was en die NOOIT OPHOUDT. Ik oefen ELKE DAG met haar want zij verwildert zeer snel. Bovendien ben ik 24 uur per dag met de roedel samen, we kennen elkaar door en door en dat maakt onze band ijzersterk. Wat het verder inhoudt om met wolfhonden te leven is dat ze zeer veel beweging nodig hebben: ik loop elke dag 20 km met de honden, meestal ’s ochtends 2 uur en ’s middags nogmaals 2 uur. Een paar keer per week lopen we langer, als we een dagtocht maken. Op de dagen dat ik op reis moet om een lezing te geven stap ik altijd één of meer haltes eerder uit met de trein, zodat Yuriko/Fontana een goede wandeling heeft voordat we op onze bestemming arriveren.

Een van de dingen die deze dieren van de wolf erven is hun aangeboren schuwheid ten opzichte van mensen en het is daarom belangrijk om ze vanaf zeer jonge leeftijd heel goed te socialiseren. Yuriko was 8 weken toen ze met mij meeging naar haar eerste lezing en ook Fontana was er al vroeg bij! Met Marshall zit ik op dit moment nog in de eerste fase van socialiseren, hij is nog bezig zijn aangeboren schuwheid te overwinnen.

Verder: als een wolfhond niet genoeg beweging krijgt zullen ze sloopgedrag vertonen (en met hun enorme kaakkracht kan dat allesverwoestende gevolgen hebben) of zullen ze proberen uit te breken. Een wolfhond is zeer roedelgericht en daarom kun je ze niet lang alleen laten. Doe je dit wel dan kwijnt hij weg of zal hij alsnog een uitweg vinden. Wolfhonden kunnen deuren open maken, metershoog springen, en klimmen als een kat.
Het zindelijk krijgen kan erg lang duren en bij sommige wolfhonden lukt dit nooit…

Ook heeft een wolfhond, in tegenstelling tot een gewone hond, geen will to please, wat het een stuk moeilijker maakt om ze te trainen. Nu vind ik “will to please” zelf niet zo’n fijne term, dus je kunt het beter zo zien: veel ‘gewone’ honden werken al eeuwenlang met de mens samen en zijn daar dus ook op ingesteld. Een wolfhond trekt meer zijn eigen plan. Met een rustige, positieve (!) en geduldige aanpak (en vooral een lekkere beloning) is er wel wat mee te bereiken, maar 100% gehoorzaamheid zoals van bijvoorbeeld de Duitse herder kun je van een wolfhond nooit verwachten. Maak het leuk, maak het interessant, en zorg dat ze het idee hebben dat ze er zelf beter van worden (dus: belonen, belonen, belonen!), dat werkt honderd keer beter dan het geven van een bevel. En nog 1 keer, om het te benadrukken: maak het leuk! Heb plezier samen! Geniet van de liefde, knuffel veel, ga samen op de grond liggen, doe spelletjes, maak plezier!

Je zegt dat ze metershoog kunnen springen, maar rondom jouw huis staat gewoon een laag hekje. Terwijl jouw honden heel vaak vrij door de tuin rennen. Springen zij er dan niet overheen?
Nee, dat doen ze niet, omdat ik ervoor zorg dat zij die behoefte niet hebben. Ik zorg dat zij mentaal en fysiek verzadigd zijn, elke dag opnieuw, door te zorgen voor veel ervaringen, positieve prikkels en avontuur. Doe je dit niet, dan kan het zijn dat je wolfhond zelf het avontuur gaat opzoeken. Ik ken mensen die een fort van hun huis hebben moeten maken (met schrikdraad en al) omdat de wolfhond er anders vandoor gaat.
Bovendien zijn mijn wolfjes alleen maar in de tuin wanneer ik zelf ook thuis ben. Ik zou ze NOOIT in de tuin laten als ik zelf wegging, want dan gaan ze me zoeken en springen ze dus wel degelijk over het hek. Mijn honden willen namelijk bij mij zijn. Dat is tegelijkertijd een andere reden waarom ze -wanneer ik wel thuis ben- niet over het lage hekje springen: onze band is zo sterk dat het niet eens in ze opkomt om zonder mij ‘aan de wandel’ te gaan. Zij gaan waar ik ga, we zijn een eenheid. Maar dat komt omdat ik mijn hele leven om de honden heb heen gebouwd, en ze bij alles betrek. We slapen zelfs met zijn allen in hetzelfde bed. Als de roedel die we zijn. Familie. Maar niet iedereen is zo extreem close met zijn dieren. En dan wordt het dus oppassen geblazen. 

Je noemt ze wolfjes, maar het zijn toch geen wolven?
Ik noem ze wolfjes, hondjes, apen, knuffelbuffels en nog veel meer. Maar (nogmaals), nee, het zijn geen wolven. En ook geen gewone honden. Ze zijn een prachtige samensmelting van allebei.

Wat is het verschil tussen een Tsjechoslowaakse wolfhond en een Saarloos wolfhond?
Ze zijn van oorsprong allebei een kruising tussen een Duitse herder en een wolf. In het geval van een Tsjechoslowaakse wolfhond was dat een wolf uit de Karpaten, bij de Saarloos (een Nederlands ras!) was dat een Europese wolvin uit Diergaarde Blijdorp. De Tsjech is ontstaan omdat het Tsjechoslowaakse leger destijds op zoek was naar een dier dat sterker en (nog) slimmer was dan de Duitse herder, met meer uithoudingsvermogen, een grote mate van zelfstandigheid, en beter bestand tegen allerlei weersomstandigheden. Dat is de reden dat een Tsjech over het algemeen een wat pittiger temperament en een hoger energiegehalte heeft dan de Saarloos, die in eerste instantie bedoeld was als blindegeleidehond (maar daar om allerlei redenen niet geschikt voor bleek).
Yuriko is een raszuivere Tsjech, Fontana heeft een flink gehalte Saarloos in zich (en Marshall is een mix van Tsjechoslowaakse wolfhond en Amerikaanse wolfhond).
Beide rassen zijn bijzonder op hun eigen manier. Qua uiterlijk kunnen de Tsjech en de Saarloos soms erg op elkaar lijken of juist niet, dat hangt van de foklijn af.
Beide soorten kunnen, net als alle wolfhonden zodra ze volwassen zijn, agressie gaan vertonen naar andere honden van hetzelfde geslacht.

Overige dingen waar je rekening mee moet houden:
– Wolfhonden kunnen deuren open maken. Als je dit niet zo fijn/veilig vindt is het handig op te lossen door deurklinken te vervangen door (draai)knoppen.
– Graven is zeer natuurlijk gedrag en iets wat je ze eigenlijk niet mag ontzeggen. Houd dus rekening met flink wat kuilen in je tuin, en maak daar geen probleem van.
– Leven met wolfhonden houdt ook in: elke dag live muziek! 😉 Ik bedoel hiermee dat ze graag “zingen” (huilen). Heel fijn als je dit zelf mooi vindt, maar check ook even met je buren of die daar net zo van genieten als jij.
– Veel communicatie verloopt, vooral bij de TSJECHOSLOWAAKSE wolfhond, met hun mond. Ze pakken graag je hand of arm beet. Dit is GEEN bijten, dus straf de hond hier NIET voor! Het is een uiting van liefde. WEL is het belangrijk om ze van pup af aan te leren dit niet te hard te doen. Veel pups hebben nog geen bijtrem en moeten dit echt leren, omdat het anders flink pijnlijk kan zijn. En dat is dan weer sneu, aangezien het echt een liefdesgebaar is.
– Hun lichaamstaal is extreem duidelijk, en vergeleken met gewone honden zelfs wat ‘overdreven’. Leer hun taal te begrijpen, dat scheelt een hoop misverstanden. 

Nog wat losse informatie. Een wolfhond heeft een sterke, geduldige en positieve (!) leider nodig en een zeer consequente (maar ZACHTE en liefdevolle) opvoeding. Als je veel van huis bent en je hond niet mee kunt nemen dan is een wolfhond niets voor jou. Als je het dier niet de beweging kunt geven die het nodig heeft dan is een wolfhond ook niets voor jou.
Wanneer dan wel? Als je hem dus de tijd, aandacht, beweging en discipline kan geven die hij verlangt, en als je het zelfstandige karakter kunt begrijpen en waarderen. En nogmaals: de training houdt nooit op. Je bent nooit ‘klaar’. Dus dat moet je willen, en daar moet je van houden. Je bent samen een team!

Ik verbeeld mij niet dat ik een expert ben en ik schrijf dit niet omdat ik zogenaamd alles weet. De reden van dit stuk is dat te veel mensen onderschatten wat het inhoudt om een wolfhond in huis te nemen, en er hierdoor bedroevend veel wolfhonden op zoek moeten naar een nieuw baasje.
En ook omdat mij steeds opnieuw om informatie wordt gevraagd, en ik voortaan dan gewoon een link naar deze pagina kan sturen.

Behalve de erkende rassen (tot nu toe zijn dat, wereldwijd, alleen de Tsjech en de Saarloos) is er ook de Marxdorfer (kruising Saarloos x witte herder), de Amerikaanse wolfhond (deze soort staat qua generatie vaak dichterbij de wolf dan de erkende rassen, maar het wolfpercentage loopt sterk uiteen, evenals het soort hond waarmee de wolf gekruisd is: bij de eerder genoemde erkende rassen (Tsjech en Saarloos) is het een zuivere mix van Duitse herder en wolf, maar bij de Amerikaanse wolfhond kan er husky in zitten, Alaskan malamute, akita, Northern inuit, enz), de Spencer wolfdog (Amerikaanse wolfhond uit de foklijn van Vicki Spencer, dit zijn vaak wat stabielere wolfhonden), de Tamaskan (een zeer uiteenlopende mix met over het algemeen een laag en voorheen geen wolfgehalte), de Indian dog (vaak met coyote-genen) en dan zijn er nog de vele wolfhonden die als soort de naam van hun fokker dragen, zoals de Lycanis wolfdog ®. Als je echt graag een wolfhond wilt en je er zeker van bent dat je het dier kunt bieden wat het nodig heeft dan kan ik je aanraden om je goed te verdiepen in de voorouders van het dier en zeker ook eens te praten met mensen die er zelf één hebben.

Een Amerikaanse wolfhond mag overigens alleen maar Amerikaanse wolfhond heten als het wolfpercentage in hem volledig uit AMERIKAANSE wolf bestaat. Zodra er ook Europese wolf doorheen zit (bijvoorbeeld wanneer het een kruising met een Tsjech of Saarloos betreft) is het geen Amerikaanse wolfhond meer, maar een wolfhondkruising.

En nog een toevoeging met betrekking tot de Amerikaanse wolfhond: een ECHTE Amerikaanse wolfhond heeft een buitenverblijf nodig. Ze kunnen in huis leven, maar ze moeten ivm hun zeer dikke vacht ook een buitenverblijf tot hun beschikking hebben. Deze moet zeer goed omheind zijn, tot diep in de grond (ivm graven), omdat Amerikaanse wolfhonden bekend staan als echte escape artists. 

Voor alle wolfhonden geldt:
Als je er op de juiste manier mee omgaat is een wolfhond (zoals ELKE hond!) een intense zegening en een verrijking van je leven. Ik ben elke dag opnieuw dankbaar dat ik Yuriko, Fontana en Marshall aan mijn zijde heb en ik kan me geen leven zonder hen meer voorstellen.

Naast Yuriko (7 jaar), Fontana (3 jaar) en Marshall (pup) bestond mijn roedel tot voor kort ook uit Sandy, een herder/husky/malamute kruising die bijna 13 is geworden maar die helaas onlangs is overleden. Haar herinnering wordt gekoesterd. 
Klik hier voor foto’s van mijn wolfhonden en onze belevenissen.

Hoeveel procent wolf zit er precies in Yuriko, Fontana en Marshall?
Yuriko is een raszuivere Tsjechoslowaakse wolfhond. Het percentage wolf bij de Tsjech verschilt per lijn, maar ligt gemiddeld tussen de 25-35%. In Yuriko’s geval is het 30%.
Fontana is een kruising van verschillende wolfhonden. De hond in hem is Duitse herder, Zwitserse witte herder en Alaskan malamute. De wolf in hem is 9% Europese wolf (vanuit de Saarloos) en 14% timberwolf (vanuit de Amerikaanse spencer wolfhond). Zijn zwarte kleur is afkomstig van de Amerikaanse wolf: in tegenstelling tot Europa is in Noord-Amerika ongeveer de helft van alle wolven zwart.
Fontana is een F7, dit betekent dat hij zeven generaties verwijderd is van pure wolf.
Fontana heeft 23% wolf in zich en is in alle opzichten een perfecte low-content wolfdog.
Marshall is eveneens een mix van verschillende soorten wolfhond, met zowel Europese wolf als Amerikaanse wolf in zijn DNA. Zijn wolfpercentage is 31%. Daarnaast is hij voor 60% Duitse herder en 9% husky. 

Hoe zie je (bijvoorbeeld op de Veluwe) het verschil tussen een wolf en een loslopende wolfhond? 
Ten eerste zal de wolfhond waarschijnlijk een halsband dragen 🙂 en een baasje bij zich hebben. Maar los daarvan zijn dit een aantal kenmerken waar je op kunt letten:
– een wolf is aanzienlijk groter dan een wolfhond. Een wolfhond is iets groter dan bijvoorbeeld een Duitse herder, maar een volbloed wolf is nog een flink stuk groter. 
– een wolf heeft meestal kleinere (driehoek-achtige) oren, bij een wolfhond zijn ze wat spitser. Dit geldt echter niet altijd, er bestaan ook wolven met enorme flappers!
– een wolf laat zich niet benaderen en zal ook zeker geen toenadering zoeken
– een wolf heeft minder contrast in zijn vacht, dus de kleuren in bijvoorbeeld zijn masker vloeien meer in elkaar over. 
– een wolf zal nooit blauwe ogen of een krulstaart hebben, in zo’n geval sta je hoogstwaarschijnlijk naar een husky te koekeloeren!
– een wolf blaft niet

Hoe sta jij tegenover de “adopt don’t shop” opvatting?
Ik vind het prachtig als mensen een herplaatser adopteren. Een van mijn vorige honden (Romy) kwam ook uit het asiel en zij was 17 jaar lang het zonnetje in mijn leven. Maar ik begrijp heel goed dat het soms fijner en ook verstandiger kan zijn om een pupje in huis te nemen. Bijvoorbeeld als je oudere hond geen volwassen honden accepteert. Of omdat je de eerste fase van opvoeding en socialisatie niet wilt missen en dit graag heel goed wil aanpakken (zoals het hoort!). MAAR, en dit is een hele grote MAAR, zorg er wel voor dat jouw pup bij een goede fokker vandaan komt! Dit geldt voor alle honden, dus niet alleen voor wolfhonden. Een GOEDE fokker kan jou alles vertellen over de ouders, grootouders en verdere familie van de pup. Een goede fokker heeft uitgebreide gezondheidstesten gedaan.  Een goede fokker kijkt naar het KARAKTER van de ouders en fokt alleen met die dieren die een verbetering zijn voor het ras. Een goede fokker laat de pupjes in huis opgroeien en begint al in het nest met socialisatie. Een goede fokker begint pas met het fokken van een nieuw nestje als er genoeg reserveringen zijn (!) zodat er nooit pups overblijven voor wie ‘nog even snel’ een koper gevonden moet worden. Enz. 

Ik ben fotograaf en ik zou graag eens foto’s maken van jouw wolfhonden. Mag dit?
Ja hoor, soms werken wij hier inderdaad aan mee. Stuur maar een mailtje, dan kijken we wat er mogelijk is.

= = = =
Dit artikel is geschreven door Judith Visser, schrijver en (wolf)hondenliefhebber. Overname is zonder toestemming niet toegestaan. Delen van deze link via sociale media wordt wel op prijs gesteld.

Schuiven naar boven